Eeuwigheidsleven.
Wat is het toch schitterend wat God de zijnen schenkt. Midden in het aards gewoel met haar duisternis, worden zij niet alleen door God overeind gehouden; nee, veel meer. Degenen die Hem vertrouwen en Hem met heel hun hart zoeken te dienen, geeft Hij een ononderbroken perspectief op het eeuwige, het blijvende.
Dit perspectief is ook de uitdrukkelijke wens van Christus. Weet u nog wat Jezus bad aan het eind van het laatste avondmaal: "Vader, hetgeen U Mij gegeven hebt-Ik wil, dat waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn, om mijn heerlijkheid te aanschouwen, die U Mij gegeven hebt, want U hebt Mij liefgehad vóór de grondlegging der wereld". Gods eeuwige liefde voor zijn Zoon, die wij , die geloofsvertrouwen koesteren in onze Vader, delen in Christus in diezelfde eeuwige liefde. Een liefde die voortvloeit uit de innige relatie die Hij, Christus, met zijn Vader heeft, waardoor Hij niets buiten zijn Vader om doet.
Jezus antwoordt de mensen die Hem vervolgen: "Voorwaar, voorwaar, Ik zeg jullie, de Zoon kan niets doen van Zichzelf, of Hij moet het de Vader zien doen; want wat deze doet, dat doet ook de Zoon evenzo." (Joh.5:19). En verder: "Voorwaar, voorwaar Ik zeg jullie, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel, want Hij is overgegaan uit de dood in het leven" (Joh.5:24)..
In het volgen van Jezus zullen wij reeds in dit leven, dus heden, Gods eeuwigheidsleven ten volle mogen ervaren.
Een duidelijk voorbeeld daarvan lezen we in Lukas 23: 42 en 43, waar een gekruisigde moordenaar aan onze gekruisigde Heer vraagt: "Jezus, gedenk mij, wanneer U in uw Koninkrijk komt." En dan zegt Jezus tegen hem: "Voorwaar, Ik zeg U, heden zult u met Mij in het paradijs zijn." Weer dat 'heden'. Gods onvoorwaardelijke liefde vraagt niet om uitstel.
In het Onze Vader-gebed speelt ons leven in Gods eeuwige heerlijkheid een belangrijke rol.
Alleen al de aanhef: "Onze Vader in de hemel." doet ons oog richten op de Eeuwige, die ons als een vader op het oog heeft; gevolgd door
Uw naam worde geheiligd. Niet alleen ons oog maar heel ons liefhebben, denken en handelen zullen getuigen van Gods aanwezigheid als het allerbelangrijkste in ons leven. Wij volgen Maria en Jozef, die op het Paasfeest na een spannende zoektocht van 3 dagen naar hun 12 jarige zoon uit zijn mond horen: "Waarom heeft U naar Mij gezocht? Wist u niet, dat Ik bezig moet zijn met de dingen van mijn Vader?" Maar zijn ouders begrijpen zijn woorden niet. (Luk.2:50). Opvallend, dat zelfs zijn gelovige ouders dit bezig zijn van hun zoon met de dingen van zijn hemelse Vader niet verstaan. Zullen Gods kinderen, die geschapen zijn naar Gods beeld en gelijkenis, evenals Christus die zij zoeken na te volgen, ook niet met dit allerbelangrijkste, ononderbroken bezig zijn? Wordt Gods gemeente niet vergeleken met de bruid van Christus. Die dag en nacht betrokken is met haar geliefde. Ja ook 'snachts: Ik sliep maar mijn hart was wakker. Hoor mijn geliefde klopt aan. (Hooglied 5:2-a).
Mag het gebed om de komst van Gods Koninkrijk, waar God alles in allen is, gezien worden als de adem van God zelf in zijn lichaam, de gemeente? En wordt juist hierdoor Gods verlangen naar die nieuwe hemel en die nieuwe aarde ook niet ons verlangen, waar God bij zijn eigen mensen, bij zijn volken zal zijn? Hij, die alle tranen van hun ogen zal afwissen en waar de dood niet meer zal zijn, noch rouw, noch geklaag, noch moeite? (Op.21:1-4). Een volk waar Gods wil en verlangen volledig wordt uitgeleefd? Omdat van Hem alle heerlijkheid is tot in eeuwigheid?
Is dit dan niet een beetje te hoog gegrepen? Is dit niet een berg te hoog?
Ik moet denken aan een wandeltocht in Duitsland, in het Zwarte Woud die mijn vrouw en ik maakten met een van onze vrienden. Een wandeling in een bergachtige omgeving. Eenmaal bij het punt gekomen waar wij zouden gaan klimmen en ik aangaf niet verder te willen, vanwege mijn hoogtevrees, gaf onze vriend mij een kort advies: Kom achter mij lopen en zet jouw voeten maar in mijn voetspoor. Dat was een kort en goed advies. Ik lette niet op de ruimte en de diepte om mij heen maar alleen op hem, op zijn voetspoor. En zo bereikten wij samen de top van de berg, waar ik echt kon genieten van de schoonheid van de omgeving.
Wat prachtig dat we zo ook geestelijk onze voeten in eenvoud mogen zetten in het voetspoor van Jezus, onze leidsman en zo verrijkt worden met de heerlijkheid van ons leven met Hem. En zijn eeuwigheidsleven aan den lijve ervaren. Samen met Hem. Ook als het wat tegen zit in ons leven.
Een lied zingt daarvan:
Ik wandel in het licht met Jezus
mijn ziel is Hem gans toegewijd,
met Hem verrezen tot nieuw leven,
volg 'k mijn heiland tot in eeuwigheid.
Ik wandel in het licht met Jezus,
en ik luister naar zijn dierb're stem,
en niets kan m' ooit van Jezus scheiden
sinds ik wandel in het licht met Hem.
Kerntekst.
De Geest des Heren Heren is op mij,
omdat de Here mij gezalfd heeft
om de blijde boodschap te verkondigen;
om alle treurenden te troosten om hen
te geven hoofdsieraad in plaats van as,
vreugdeolie in plaats van rouw,
een lofgewaad in plaats van een kwijnende geest.
En men zal hen noemen:Terebinten der gerechtigheid,
een planting van de Heer, tot zijn verheerlijking.
(Jes. 61 :1-3).
Gebed.
Heerlijke en machtige Vader. Hoe overweldigend schoon en heerlijk zijn uw gedachten en plannen over uw volk; over hen die uitzien naar uw komst. Mogen wij steeds uw leerlingen zijn die met hun leven uw heil verkondigen in onze duistere wereld. Hier zijn wij Vader. Door U aanschouwen wij Christus en wandelen wij met U door uw Geest. U verlangt er immers naar om bij ons te wonen?
We danken U Vader, dat wij in deze wereld, door uw liefdeskracht, ons hele leven met U, het aangename jaar van onze God mogen verkondigen in vrede. (Jesaja 61:1-11 en Lukas 4:19) Tot eer van uw naam en tot welbehagen voor velen.
Recente reacties